nl_BX
 
Uw bedrijf,
onze energie.
eni oil products
News

‘Het is veel meer dan een baan. Het is een passie en een lifestyle’

11 maart 2021, 17:30

‘Het is veel meer dan een baan. Het is een passie en een lifestyle’
Henning Hofstad is productmanager bij de Noorse Eni-importeur NDI Norge AS. Daarbij houdt hij zich bezig met smeermiddelen voor auto’s, motorfietsen, trucks, grondverzet- en landbouwmachines. In zijn vrije tijd begeleidt hij zijn zoon en diens mede-motorsporters bij de motorcross. Eni-producten spelen daarbij een belangrijke rol.

“Het is veel meer dan een baan, het is een passie en een lifestyle”, stelt Henning Hofstad wanneer we hem naar zijn werk bij Eni vragen. “Het is een mooi merk met leuke mensen, goede producten, een fraai logo en een grote historie. Eni bestaat al sinds 1926!”, aldus Henning, die al sinds 2007 met Eni-producten werkt, de laatste acht jaar bij Eni-importeur NDI Norge AS. “Als mensen in de branche mij zien, dan denken ze meteen aan Eni en het logo.

Motorcross
De zoon van Henning, de elfjarige Erlend, is al net zo enthousiast over het merk. Dat heeft alles te maken met zijn hobby: Erlend doet aan motorcross en heeft ook interesse in de enduro-sport: Ik ben op mijn zesde begonnen met een ATV”, vertelt Erlend. “Dat was een Chinese quad, die was niet heel betrouwbaar. Hij stond meer in de garage dan dat ik ermee reed. Van de ATV ben ik overgestapt op de motorcross. Ik vind alles dat ermee te maken heeft leuk, zowel de snelheid als het sportieve element. Ik vind het ook het gevoel van het vermogen fijn, en het gevoel dat ik daar de controle over heb. Zeker nu ik ben overgestapt naar de 85cc-klasse. Tot eind 2018 reed ik op een KTM 65 SX, met een 65cc tweetaktmotor. Inmiddels heb ik mijn tweede Yamaha YZ85, met grote wielen.” Dat laatste is een belangrijk onderscheid: er is een klasse met kleine wielen, met een 14” achterwiel en een 17” voorwiel, daarnaast is er een klasse met 16” achterwiel en 19” voorwiel voor wat oudere of grotere jeugd.

EBX_Erlend_Hofstad

Voorvorkolie
De overgang van KTM naar Yamaha had meerder redenen. De eerste is het verschil in motorkarakter. Beide machines hebben een powervalve in de uitlaat. Dat is een klep die de uitlaatpoorttiming beïnvloedt. Die timing bepaalt bij welk toerental de motor het beste trekt. Door de powervalve is de timing variabel en dat zorgt ervoor dat het blok ook bij lage toeren goed trekt. De setting van de powervalve-bediening bepaalt het karakter van de motor: “De Yamaha geeft een beetje een viertakt-gevoel, dat past Erlend beter”, verteld Henning. “De Yamaha heeft bovendien Kayaba-vering en die is toch beter dan de lucht-ondersteunde vering op de KTM. We gebruiken overigens Eni Fork Oil in de voorvork, daardoor spreekt de voorvork beter aan. Ik lever ook aan een veringspecialist in Noorwegen. Die gebruikt alleen Eni Fork Oil”, aldus Henning, die ook de motor samen met Erlend onderhoudt: “We doen dat steeds meer samen, zowel de reparaties als het onderhoud. Erlend is steeds meer een partner.

Onderhoud
Bij het onderhoud gebruiken Henning en Erlend nog veel meer Eni-producten: “Als de motor is gewassen gebruiken we ENI PENETRATING OIL op alle metalen delen om vocht te verdrijven en roest te voorkomen. ENI PENETRATING OIL smeert ook beter dan vergelijkbare producten van concurrenten. De ketting smeren we met Eni Chain Oil. Dat loopt goed tussen de rollen en kleeft niet. Dat is belangrijk, want je wilt niet dat er zand aan je ketting en tandwielen blijft kleven. Dat schuurt namelijk. 

Lange levensduur
Vader en zoon Hofstad gebruiken uiteraard ook Eni-producten in het motorblok: “Voor tweetaktsmering gebruiken we Eni i-Ride Racing 2T. Je merkt dat dat heel schoon verbrandt, er zijn heel weinig koolafzettingen. Ook de slijtage is veel lager, net als bij de krukaslagers. Bij 85cc-machines van sommige merken moet je de zuiger en de krukaslagers elke 45 uur vervangen, dat hebben we nu op weten te rekken naar 120 uur. En dan is er eigenlijk nog nauwelijks slijtage te zien. Dezelfde ervaringen hebben we met go-karts. Je merkt daaraan dat Eni is ontwikkeld in het land van de tweewielers en dat Eni een lange historie heeft met de racerij, onder andere met MotoGP en formule 1.”

Koppelingen
Bij tweetaktmotoren wordt de transmissie doorgaans met gewone motorolie gesmeerd. Dat is voor een oliefabrikant een uitdaging, want de koppeling draait in de motorolie en die mag niet gaan slippen, terwijl de tandwielen juist zo weinig mogelijk wrijving moeten ondervinden: “We hebben verschillende producten getest”, vertelt Henning. “Er zijn meer goede oliemerken, maar voor sommige motoren is Eni i-Ride Racing Offroad 10W-50 echt beter, zeker als het om de werking van de koppeling gaat. Die moet niet alleen goed aangrijpen, maar ook goed te doseren zijn. We krijgen daarover ook veel positieve feedback van andere rijders, als ze naar Eni overstappen. Ze kunnen dat direct voelen. Welke olie beter is, hangt ook af van de motor. Honda-rijders houden vaak van minerale olie. Erlend reed eerst met semisynthetische Eni i-Ride Moto 10W-40. Nu hij ouder en sterker wordt, gebruikt hij de koppeling meer bij het uitkomen van de bochten en dan blijkt synthetische 10W-50 beter te werken. We verversen de olie elke vijf uur en bekijken de olie die eruit komt. 

Ondersteuning
Motorsport is geen goedkope sport en het is niet altijd gemakkelijk je weg te vinden in de technologie van de sport. Het Eni Racing Team, zoals het team van Henning en Erlend heet, heeft dan ook een breder doel dan het eigen succes: “Wij hanteren een andere policy. Het is meer een sociaal gebeuren, waarbij we ook andere rijders ondersteunen. We helpen ze met het begin, zodat ze later geen aangeleerde fouten hoeven af te leren. Dat heeft ook weer een positief effect op de perceptie van het merk: ze zien het Eni-logo meteen als iets positiefs. Het gaat bij ons om veel meer dan de verkoop van smeermiddelen alleen.


Overstap
In Trondheim zijn de zomers kort. Het motorcross-seizoen loopt daarmee van april tot oktober. Gedurende die maanden zijn er veel races en er wordt twee tot driemaal per week getraind. Dat is best intensief, niet alleen voor Erlend: “Het thuiscircuit ligt op 45 minuten rijden. Oslo is 6 uur rijden. De motor moet in de trailer achter de auto. Pa moet dus altijd mee”, lacht Henning, die zich wel afvraagt hoe dat in de toekomst verder moet: “Tot nu toe lag de focus op de groei, een “bigger toy” in een grotere zandbak voor een “bigger boy”. Erlend moet wel zeker weten of hij ermee door wil gaan. We staan nu op het punt om hogere doelen te stellen. Motorcross is een mogelijkheid, net als enduro. Daarvoor moet Erlend eerst 13 worden. Dan moeten we kijken welk van de twee het wordt, of dat het een mix wordt. Het wordt wel steeds serieuzer. Hij rijdt nu in de klasse tot 12 jaar. Daar haalde hij vierde en vijfde plaatsen. Volgend jaar rijdt hij in de klasse tot 13 jaar, dat is een fellere competitie. We moeten kijken hoe dat bevalt als rookie!”

 

  Back to top